Zuster Deodata

Mijn gewezen kamergenote, zuster Deodata 92 jaar jong, is van een uitstervend ras. Op eerste Kerstdag had zij haar heup gebroken bij een rondje door haar kamer met de rollator. Vol plezier vertelde ze mij het verhaal meerdere malen: "Ik struikelde, de rollator schoot uit mijn handen tegen een stoel, waarop stoel en rollator met veel herrie tegen de deur knalden! Mijn huisgenoten waren nog nooit zo snel bij mij binnen, een beter alarmsysteem bestaat niet!"
Op een avond voor het slapen gaan vraagt de verpleegster aan Deodata: "Moet uw bril niet af?" "Nee" zegt ze, "want dan kan ik mijn dromen niet zien".
En toen zij net als ik met slangen volgehangen was, zei zij bloedserieus tegen de verpleegster: "Ik ga een slangenboek schrijven, zodra ik thuis ben begin ik eraan".
Voor haar was ik 'mijnheer Goedegebuur', ik heb wel vier denkbeeldige diploma's van haar gekregen voor bewezen diensten. Wat betreft het verlaten van het ziekenhuis heb ik uiteindelijk gewonnen, haar ambulance was net niet op tijd, L. wel.
We hebben heel wat afgelachen, zuster Deodata en ik.
Op een avond voor het slapen gaan vraagt de verpleegster aan Deodata: "Moet uw bril niet af?" "Nee" zegt ze, "want dan kan ik mijn dromen niet zien".
En toen zij net als ik met slangen volgehangen was, zei zij bloedserieus tegen de verpleegster: "Ik ga een slangenboek schrijven, zodra ik thuis ben begin ik eraan".
Voor haar was ik 'mijnheer Goedegebuur', ik heb wel vier denkbeeldige diploma's van haar gekregen voor bewezen diensten. Wat betreft het verlaten van het ziekenhuis heb ik uiteindelijk gewonnen, haar ambulance was net niet op tijd, L. wel.
We hebben heel wat afgelachen, zuster Deodata en ik.
(Deodata, door of voor God gegeven, volgens haar eigen woorden.)
<>
foto L.
foto L.













